Britse oppositie: wettige basis aanval op Syrië twijfelachtig

De Britse oppositieleider Jeremy Corbyn noemt de wettige basis voor de raketaanval op Syrië van vrijdagnacht twijfelachtig. In een interview met de BBC zei Corbyn dat hij alleen zijn steun ervoor zou uitspreken als de aanval zou volgen op een uitspraak van de VN-Veiligheidsraad.
“Ik zeg tegen de minister van Buitenlandse Zaken en tegen de minister-president: wat is de wettige basis?”, aldus Labour-leider Corbyn.
Zelfverdediging of een VN-resolutie zou de aanval legaliteit verschaffen, maar humanitaire interventie niet, vindt Corbyn.
Corbyns scepsis lijkt te worden gedeeld door de Britse bevolking. Uit een opiniepeiling van de de Britse krant The Independent komt naar voren dat 28 procent van de bevolking achter de aanval staat. 36 procent is tegen, 26 procent stelt zich neutraal op en 11 procent heeft er geen mening over.
Johnson over mogelijke nieuwe aanval
Minister Boris Johnson van Buitenlandse Zaken zegt dat “genoeg is genoeg” de boodschap is van de raketaanval op Syrië. Hij is zich ervan bewust dat de aanval het conflict in Syrië niet oplost, maar hoopt wel dat die een afschrikwekkend effect op de machthebbers zal hebben.
Johnson zei ook dat de westerse bondgenoten een nieuwe afweging zullen maken als Syrië opnieuw chemische wapens inzet. Daarover is volgens hem nu nog niets besloten. De raketaanval van vrijdag was beperkt tot het arsenaal aan chemische wapens en had niet tot doel president Assad ten val te brengen, zei Johnson.
Bewijs
De VS, Frankrijk en Groot-Brittannië zijn ervan overtuigd dat er op 7 april een chemische aanval was in Douma. Alles wijst er volgens de landen op dat het bewind van Assad erachter zit. Het Franse ministerie van Buitenlandse Zaken publiceerde gisteren een document waarin het dieper ingaan op de bewijzen. Genoemd worden onder meer de symptomen bij slachtoffers en de vele getuigenissen en beeldmateriaal die via sociale media zijn verspreid en volgens Frankrijk grotendeels authentiek zijn.
De kans dat het gaat om een pr-stunt van de rebellen acht Parijs uitgesloten; ze zouden niet in staat zijn tot een dergelijke operatie. De gifgasaanval had volgens Frankrijk als doel de rebellen van Jaish al-Islam op de knieën te krijgen.
Premier May sprak, net als de Fransen, over een helikopter die volgens getuigen een vatbom afgooide. “De oppositie heeft geen helikopters en gebruikt geen vatbommen”, zei May. IS, dat in het verleden ook gifgas heeft ingezet, is niet actief in Douma.
Syrië, Rusland en Iran houden vol dat er geen sprake was van een aanval met chemische wapens. Ze wijzen erop dat de OPCW nog moet beginnen aan zijn onderzoek.
NOS

Bericht: >Britse oppositie: wettige basis aanval op Syrië twijfelachtig
Suriname Herald